Toeristenbelasting: waarom betalen we dat eigenlijk?
Wanneer je met je caravan, camper, (dak)tent of vouwwagen vakantie viert in een gemeente waar je niet woont, maak je gebruik van de lokale voorzieningen. Denk aan de straatverlichting, het fietspad naast de camping of de vuilnisbakken die dagelijks worden geleegd. Omdat al die extra bezoekers voor meer onderhoud en drukte zorgen, berekenen gemeenten deze kosten door aan ondernemers die toeristen ontvangen, zoals campingeigenaren en hotelhouders. De campinghouder verrekent dit vervolgens weer op jouw factuur. Zo help je als kampeerder mee om je vakantieplek mooi en bereikbaar te houden. Overnacht je in de gemeente waar je staat ingeschreven, dan betaal je dus geen toeristenbelasting.
Grote verschillen tussen gemeenten in Nederland
In 2026 zien we de sterkste stijging van de toeristenbelasting in jaren, al verschilt dat behoorlijk per gemeente. Elke gemeente apart bepaalt namelijk zelf de tarieven, die zijn te vinden op de website van de gemeente. Terwijl je in sommige gemeenten nog geen euro kwijt bent, tik je elders een behoorlijk bedrag af. Ook de rekenmethode varieert: de ene plek vraagt een vast bedrag per nacht, terwijl de andere een percentage van de overnachtingsprijs hanteert. Soms worden kinderen zelfs vrijgesteld van deze belasting, wat voor gezinnen een meevaller is.
BTW-tarief op hotels en huuraccommodaties stijgt ook
Een lichtpuntje voor kampeerders: de toeristenbelasting op campings ligt in 2026 gemiddeld een stuk lager dan bij hotels. Waar een hotelgast in Nederland dit jaar gemiddeld 2,79 euro per nacht betaalt, ben je op de camping vaak voor gemiddeld 1,84 euro klaar. In combinatie met het feit dat het Nederlandse btw-tarief voor kamperen in 2026 laag blijft (9%) – en het btw-tarief voor logies zoals hotels en huuraccommodaties (safaritenten, chalets) op campings naar 21% is gegaan – is kamperen met je eigen kampeermiddel dit jaar meer dan ooit een slimme keuze voor je portemonnee.